God dienen in een vijandige omgeving. Het voorbeeld van Daniël en zijn vrienden

Overdenking

Betrouwbaar en plichtsgetrouw zijn


Darius de Mediër was koning geworden nadat hij de vorige koning had overwonnen en gedood. Hij stelde Daniël aan als één van zijn drie rijksbestuurders. Hij overwoog zelfs om hem over het hele koninkrijk aan te stellen, “omdat er een uitzonderlijke geest in hem was”. Dat maakte de andere hoge ambtenaren heel erg jaloers en ze zochten een reden om een klacht tegen Daniël in te dienen. Maar vers 4 vertelt ons dat ze niets konden vinden!


Deze verzen echoën ook door in Mattheüs 26, waar de hogepriester en de Joodse Raad een beschuldiging tegen Jezus Christus probeerden te bedenken. Ze hadden al besloten dat Hij ter dood veroordeeld moest worden, maar ze konden geen wettige reden vinden! Net als Daniël was Jezus volkomen betrouwbaar en ze konden Hem op geen enkele fout betrappen. Uiteindelijk werd Jezus beschuldigd van godslastering omdat Hij beweerde de Zoon van God te zijn (wat Hij ook echt was, maar dat wilden de priesters niet geloven).


In 1 Petrus 3 worden we opgeroepen om navolgers te zijn van het goede en een goed geweten te hebben. Dat zal ons niet altijd beschermen tegen valse beschuldigingen of zelfs een doodvonnis, zoals Jezus’ voorbeeld laat zien (en ook het verhaal over Daniël dat we morgen zullen lezen). Maar “het is beter te lijden – als God dat wil – terwijl u goeddoet dan terwijl u kwaad doet” (1 Petrus 3:16-17, HSV). Ons leven moet nooit aanleiding geven om het Woord van God te lasteren, maar moet Hem juist eren.


Als mensen kwaad willen spreken over jou, kunnen ze dan makkelijk een aanleiding vinden?