Je naaste liefhebben als jezelf

Overdenking

Voorbeeld #1: De liefde van een slavinnetje


Het verhaal in 2 Koningen 5 gaat vooral over Naäman, de bevelhebber van het Syrische leger. Maar het verhaal begint met een klein slavinnetje die haar naaste liefheeft — en in dit geval is de ‘naaste’ de bevelhebber van het leger dat haar weggevoerd heeft uit haar land en van haar familie om als slavin in Naämans huis te werken. Het zou logisch zijn geweest als dit meisje haar meester zou haten. Hij heeft tenslotte haar hele leven verwoest.


En toch, als Naäman ongeneeslijk ziek wordt geeft het meisje hem een advies dat zijn gezondheid, zijn carrière en status, misschien zelfs zijn leven redt. Zij weet dat alleen God kan helpen (door middel van een profeet) en zij is waarschijnlijk de enige in Naämans omgeving die hem hierover kan vertellen. De Syriërs dienen tenslotte de God van Israël niet, zij hebben hun afgoden die niet werkelijk kunnen helpen.


De liefde van een klein slavinnetje leidt tot Naämans genezing en tot zijn belijdenis “dat er op de hele aarde geen God is dan in Israël”. Met andere woorden, hij vond genezing voor zijn lichaam en zijn ziel.


Het is een echte daad van liefde als we het welzijn zoeken van mensen die we helemaal niet mogen. Het Evangelie met mensen delen is wellicht zelfs de allergrootste liefdesdaad.


Zijn er mensen in jouw omgeving die over God moeten horen?