1
Spreuken 13:20
EBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling
EBV24
Wie met wijzen optrekt, zal wijs worden, maar wie met dwazen omgaat, zal het slecht vergaan.
Compare
Explore Spreuken 13:20
2
Spreuken 13:3
Wie zijn mond behoedt, waakt over zijn ziel, maar wie zijn lippen wijd openspert, wacht de ondergang.
Explore Spreuken 13:3
3
Spreuken 13:24
Wie zijn stok ontziet, haat zijn zoon, maar wie hem liefheeft, probeert hem tijdig te vermanen.
Explore Spreuken 13:24
4
Spreuken 13:12
Een slepende verwachting maakt het hart ziek, maar een vervuld verlangen, is een boom van het leven.
Explore Spreuken 13:12
5
Spreuken 13:6
Gerechtigheid beschermt wie oprecht zijn weg gaat, maar de slechtheid zal de zondaar vernietigen.
Explore Spreuken 13:6
6
Spreuken 13:11
Bezit dat is komen aanwaaien, zal weinig betekenen, maar wie met de hand bijeenbrengt, zal zijn bezit vermeerderen.
Explore Spreuken 13:11
7
Spreuken 13:10
Door overmoed komt er alleen maar ruzie, maar bij wie zich raad laten geven, is wijsheid.
Explore Spreuken 13:10
8
Spreuken 13:22
Wie goed is, zal zijn kleinkinderen een erfdeel toebedelen, maar het vermogen van zondaren wordt opgeborgen voor de rechtvaardige.
Explore Spreuken 13:22
9
Spreuken 13:1
Een wijze zoon weerspiegelt de vermaning van de vader, maar een spotter luistert niet eens naar berisping.
Explore Spreuken 13:1
10
Spreuken 13:18
Armoede en schande treffen hem die de vermaning verwerpt, maar wie bestraffing ter harte neemt, zal worden geëerd.
Explore Spreuken 13:18
Home
Bible
Plans
Videos