Jullie mogen geen beelden of afbeeldingen maken van iets wat boven in de hemel, beneden op de aarde of in het water onder de aarde is. Jullie mogen ze niet aanbidden en niet dienen, want Ik, jullie HEER God, ben een jaloers God: Ik duld geen andere goden naast Mij. Van de zonden van ouders laat Ik ook hun kinderen de gevolgen dragen, tot in de derde en vierde generatie van degenen die Mij haten.