Noël: kerst is voor iedereen

Overdenking

Wat is dit een prachtige naam


Door Danny Saavedra


“In het begin was het Woord en het Woord was bij God, en het Woord was God. Het Woord was bij God in het begin. Door het Woord is alles ontstaan en zonder het Woord is niets ontstaan van alles wat bestaat.” (Johannes 1:1-3, HTB)


Wat is het eerste dat je van iemand te weten komt als je aan hen voorgesteld wordt? Hun naam! Waarom? Omdat namen ons helpen om mensen te onthouden, te identificeren, om te weten met wie we praten of naar wie we verwijzen. 


Vroeger had elke naam een eigen betekenis. Tegenwoordig lijken de meeste mensen een naam te kiezen omdat ze die mooi, stoer of populair vinden. Ze kijken zelden naar de oorsprong en de herkomst van de naam, noch naar de culturele betekenis en het erfgoed ervan. In een ver verleden werden namen gegeven vanwege speciale redenen. Isaak (“hij die lacht”) werd zo genoemd vanwege het gelach van Sara, de vrouw van Abraham, toen God hen vertelde dat zij, op hun oude leeftijd, een zoon zouden krijgen. Jakob (“hij die de hiel vasthoudt”) kreeg deze naam omdat er tijdens zijn geboorte van hem gezegd werd: "Het (kind) hield zich stevig vast aan de hiel van Esau (Genesis 25:26, HTB). 


Namen in de Bijbel waren echt belangrijk omdat ze meestal iets vertelden over de persoon. Dit is in het bijzonder waar voor God, Wiens vele namen de hoogste betekenis hebben. Van El Shaddai tot Jehovah-Raah, iedere naam van God in de Bijbel onthult iets over Hem. En van alle namen die in de Bijbel aan God gegeven zijn, is de meest interessante en unieke naam wel deze waarmee Hij in Johannes 1:1 (HTB) beschreven wordt: “In het begin was het Woord . . .”


Het Griekse woord dat hier gebruikt wordt voor Woord is logos. Het concept van logos is een krachtig, complex en mooi idee. De gemakkelijkste manier om de Griekse filosofie erachter te beschrijven, is dat logos de reden of onuitgesproken redenering achter iets is. De term beschrijft hoofdzakelijk een verzameling van dingen die in gedachten samengevoegd zijn en in woorden uitgedrukt worden. Het wordt gezien als de universele reden die in alle dingen geworteld is; de bindende wetten die het bestaan van alles ondersteunen.


In de Hebreeuwse cultuur verwijst dit idee naar de bedrijvige kracht van Gods wil. Ze gebruiken vaak de term memra—een woord dat afgeleid is van het Aramese woord voor “spreken”—om Gods scheppende werk en Zijn wilte beschrijven. 


Dit begrip van het concept en de terminologie die is gebruikt in Johannes 1:1 brengen ons terug bij het scheppingsverhaal uit Genesis 1. Daar lezen we dat God spreekt waarna alles in het universum ontstaat. Hebreeën 11:3 (HTB) legt dit verder uit door te zeggen: “Door het geloof weten wij dat het heelal door een woord van God gemaakt is, dat het zichtbare uit het onzichtbare is voortgekomen.” 


Dus, als Johannes 1:1 (HTB) zegt: “In het begin was het Woord en het Woord was bij God, en het Woord was God,” dan vertelt de apostel ons dat Jezus Christus, de Zoon van God, de levende belichaming van het Woord van God is. Hij is God in het vlees, het beeld (eikón: allerhoogste uitdrukking, reflectie en representatie; spiegelbeeld) van de onzichtbare God (Colosenzen 1:15, HTB). Degene die in het begin al sprekend de wil van God tot leven riep (Genesis 1:1-2; Psalm 33:9; Hebreeën 11:3). Hij is het karakter, het hart, de wil en de gedachten van God de Vader, geopenbaard aan de wereld. Hij is, zoals de Grieken geloofden, de universele reden die de grondslag vormt van alle dingen (Johannes 1:3); de bindende wetten die het bestaan van alles ondersteunen (Colossenzen 1:15-17). 


En raad eens? In Johannes 1:14 (HTB) staat dit geschreven over "het Woord, over Hem die het universum samenhoudt en door Wie alles ontstaan is: "Het Woord werd een mens en leefde een tijdlang onder ons." Dit is waar het allemaal om draait tijdens deze kersttijd. God werd een mens! Hij hield zoveel van ons, dat Hij de hemel verliet om voor ons een weg te banen. Langs die weg mogen wij de hemel binnengaan om voor eeuwig bij Hem te zijn! Daarom zegt de engel in Mattheüs 1:23 (HTB) tegen Jozef: “En men zal het kind Immanuël noemen, dat betekent: “God is met ons"." De Zoon van God werd gezonden om Zijn Vaders gedachten en hart—Zijn Woord—aan de wereld bekend te maken . . . én om ons te redden. Daarom geeft de engel aan Jozef de opdracht om Hem de naam Jezus (Yeshua: God is redding) te geven “Want Hij zal zijn volk redden van de zonden" (Mattheüs 1:21, HTB).


Denk er aan, terwijl we ons klaarmaken om over een paar dagen Kerstmis te vieren, dat Immanuel, onze dierbare Jezus, het eeuwige Woord, onze Koning en Redder, naar de aarde kwam. Hierdoor zouden wij God beter kunnen leren kennen en Zijn aanwezigheid intiem ervaren. En zo zouden we gered worden. Hij kwam om uit vrije wil iets aan ons te geven, namelijk “het recht om kinderen van God te worden” (Johannes 1:12, HTB). Morgen zullen we leren waarom God moest komen . . .