Micha 2:6-11

Micha 2:6-11 HSV

Ze profeteren: Profeteer niet! Ze moeten er niet over profeteren! Er komt geen einde aan al die smaad. U die huis van Jakob genoemd wordt, komt de Geest van de HEERE soms tekort? Zijn dat Zijn daden? Doen Mijn woorden geen goed bij hem die oprecht wandelt? Maar onlangs stelde Mijn volk zich nog op als een vijand tegenover een kledingstuk. U rukt de mantel af van nietsvermoedende voorbijgangers die terugkeren van de strijd. De vrouwen van Mijn volk verdrijft u, elk uit het huis dat haar lief is, haar kleine kinderen ontneemt u voor eeuwig Mijn sieraad. Sta op en ga weg, want dit is niet het land van de rust. Omdat het verontreinigd is, brengt het de ondergang, ja, een verschrikkelijke ondergang. Als er iemand is die wind naloopt, en bedrieglijk liegt en zegt: Ik profeteer voor u voor wijn en sterkedrank, dan is hij voor dit volk de profeet!