1
De brief van Jakobus 4:7
NBG-vertaling 1951
NBG51
Onderwerpt u dus aan God, maar biedt weerstand aan de duivel, en hij zal van u vlieden.
Bandingkan
Selidiki De brief van Jakobus 4:7
2
De brief van Jakobus 4:8
Nadert tot God, en Hij zal tot u naderen. Reinigt uw handen, zondaars, en zuivert uw harten, gij, die innerlijk verdeeld zijt.
Selidiki De brief van Jakobus 4:8
3
De brief van Jakobus 4:10
Vernedert u voor de Here, en Hij zal u verhogen.
Selidiki De brief van Jakobus 4:10
4
De brief van Jakobus 4:6
Maar Hij geeft dan ook des te grotere genade. Daarom heet het: God wederstaat de hoogmoedigen, maar de nederigen geeft Hij genade.
Selidiki De brief van Jakobus 4:6
5
De brief van Jakobus 4:17
Als iemand dan weet goed te doen en het niet doet, is het hem tot zonde.
Selidiki De brief van Jakobus 4:17
6
De brief van Jakobus 4:3
(Of,) gij bidt wel, maar gij ontvangt niet, doordat gij verkeerd bidt, om het in uw hartstochten door te brengen.
Selidiki De brief van Jakobus 4:3
7
De brief van Jakobus 4:4
Overspeligen, weet gij niet, dat de vriendschap met de wereld vijandschap tegen God is? Wie dus een vriend der wereld wil zijn, wordt metterdaad een vijand van God.
Selidiki De brief van Jakobus 4:4
8
De brief van Jakobus 4:14
gij, die niet (eens) weet, hoe morgen uw leven zijn zal! Want gij zijt een damp, die voor een korte tijd verschijnt en daarna verdwijnt
Selidiki De brief van Jakobus 4:14