Zoek resultaten voor: Markus 15:15

  • MARKUS 15:15 (BB)

    Het leek Pilatus het beste om de mensen hun zin te geven. Daarom liet hij Barabbas vrij. Maar Jezus liet hij zweepslagen geven. Daarna gaf hij Hem aan de soldaten om Hem te kruisigen.

  • HANDELINGEN 15:37 (BB)

    Barnabas wilde dat ook Johannes Markus met hen mee zou gaan.

  • HANDELINGEN 15:38 (BB)

    Maar Paulus wilde dat niet. Want Johannes Markus was na Pamfilië niet met hen meegegaan naar die steden.

  • HANDELINGEN 15:39 (BB)

    Ze kregen er ruzie over. Daarom gingen ze uit elkaar. Barnabas voer met Johannes Markus naar Cyprus.

  • MARKUS 15:1 (BB)

    Zodra het ochtend werd, overlegden de leiders van de priesters met de leiders van het volk en de wetgeleerden. Ze besloten Jezus naar [ de Romeinse bestuurder van Judea ] Pilatus te brengen.

  • MARKUS 15:2 (BB)

    Pilatus ondervroeg Hem: "Ben Jij de koning van de Joden?" Jezus antwoordde hem: "U zegt het zelf."

  • MARKUS 15:3 (BB)

    En de leiders van de priesters beschuldigden Jezus van allerlei dingen. Maar Hij antwoordde niets.

  • MARKUS 15:4 (BB)

    Pilatus ondervroeg Jezus weer en zei: "Geef Je helemaal geen antwoord? Hoor eens waar ze Je allemaal van beschuldigen!"

  • MARKUS 15:5 (BB)

    Maar Jezus antwoordde hem niets meer. Daar was Pilatus erg verbaasd over.

  • MARKUS 15:6 (BB)

    Pilatus had de gewoonte om op het feest een gevangene vrij te laten. De Joden mochten kiezen wie hij vrij zou laten.

  • MARKUS 15:7 (BB)

    Nu zat er iemand gevangen die Barabbas heette. Hij was gevangen genomen met andere mannen omdat ze tijdens een rel iemand vermoord hadden.

  • MARKUS 15:8 (BB)

    De mensen begonnen te schreeuwen. Ze eisten van Pilatus dat hij, zoals altijd op het feest, iemand zou vrijlaten.

  • MARKUS 15:9 (BB)

    Pilatus antwoordde: "Willen jullie dat ik de koning van de Joden vrijlaat?"

  • MARKUS 15:10 (BB)

    Want hij wist dat de leiders van de priesters Hem gevangen hadden genomen omdat ze jaloers waren.

  • MARKUS 15:11 (BB)

    Maar de leiders van de priesters stookten de grote groep mensen op om van Pilatus te eisen dat hij Barabbas zou vrijlaten.

  • MARKUS 15:12 (BB)

    Pilatus zei weer: "Wat moet ik dan doen met de Man die jullie de koning van de Joden noemen?"

  • MARKUS 15:13 (BB)

    Ze schreeuwden weer: "Aan het kruis met Hem!"

  • MARKUS 15:14 (BB)

    Pilatus zei tegen hen: "Wat heeft Hij dan voor kwaad gedaan?" Maar ze schreeuwden nog harder: "Aan het kruis met Hem!"

  • MARKUS 15:16 (BB)

    De soldaten namen Jezus mee naar het gerechtsgebouw. Ze riepen alle soldaten erbij.

  • MARKUS 15:17 (BB)

    Ze deden Hem een paarse mantel om. Ze vlochten een kroon van doorntakken en zetten die op zijn hoofd.

  • MARKUS 15:18 (BB)

    En ze groetten Hem: "We groeten U, koning van de Joden!"

  • MARKUS 15:19 (BB)

    Ze sloegen Hem met een rieten stok op het hoofd, bespuugden Hem, knielden voor Hem neer en deden alsof ze Hem eerden.

  • MARKUS 15:20 (BB)

    Toen ze er genoeg van hadden om Hem te bespotten en belachelijk te maken, deden ze Hem de mantel weer af. Ze trokken Hem zijn eigen kleren weer aan. Daarna namen ze Hem mee om Hem te kruisigen.

  • MARKUS 15:21 (BB)

    En ze grepen een man die voorbij kwam en die net van zijn land kwam. Ze dwongen hem om Jezus' kruis te dragen. Dat was Simon uit Cyrene, de vader van Alexander en Rufus.

  • MARKUS 15:22 (BB)

    Ze brachten Hem naar de plek die Golgota heet. Dat betekent 'Schedelplaats.'