1
Jesaja 41:10
Het Boek
HTB
Wees niet bang, want Ik ben met u. Kijk niet angstig om u heen, want Ik ben uw God. Ik zal u kracht geven en u helpen, Ik zal u overeind houden met mijn heilrijke rechterhand.
Bera saman
Njòttu Jesaja 41:10
2
Jesaja 41:13
Ik houd u bij de rechterhand—Ik, de HERE, uw God—en zeg tegen u: wees niet bang, Ik ben hier om u te helpen.
Njòttu Jesaja 41:13
3
Jesaja 41:11
Kijk, al uw woedende vijanden kijken verward om zich heen en staan te schande. Ieder die u kwaad wil doen, zal sterven.
Njòttu Jesaja 41:11
4
Jesaja 41:9
Ik heb u vanuit de uithoeken van de aarde teruggeroepen en gezegd dat u Mij alleen moest dienen, want Ik heb u gekozen en zal u niet in de steek laten.
Njòttu Jesaja 41:9
5
Jesaja 41:12
U zult hen tevergeefs zoeken, zij zullen allemaal verdwenen zijn.
Njòttu Jesaja 41:12
6
Jesaja 41:14
Ook al kijkt iedereen op u neer, wees niet bang, Israël, arm volk, want Ik zal u helpen. Ik ben de HERE, uw verlosser, Ik ben de Heilige van Israël.
Njòttu Jesaja 41:14
7
Jesaja 41:8
Maar wat u betreft, Israël, u bent van Mij, Ik heb u uitgekozen. Want u bent nakomelingen van Abraham en hij was mijn vriend.
Njòttu Jesaja 41:8
8
Jesaja 41:18
Vanaf de heuvels zal Ik grote rivieren naar beneden laten stromen. Het water zal in de dalen voor hen opspuiten! In de woestijnen zullen waterplassen zijn en door bronnen gevoede rivieren zullen over de uitgedroogde grond vloeien.
Njòttu Jesaja 41:18
9
Jesaja 41:17
Als de armen en behoeftigen tevergeefs water zoeken en hun tongen uitgedroogd zijn van de dorst, zal Ik hen antwoorden als zij naar Mij roepen. Ik, Israëls God, zal hen nooit of te nimmer in de steek laten.
Njòttu Jesaja 41:17
10
Jesaja 41:4
Wie heeft deze machtige dingen gedaan, het leven van generaties bestuurd, terwijl zij elkaar opvolgden? Ik ben het, de HERE, de eerste en de laatste, steeds dezelfde in macht.
Njòttu Jesaja 41:4
11
Jesaja 41:19-20
Ik zal bomen planten: ceders, acacia’s, olijfbomen, cipressen, platanen en dennebomen—op onvruchtbare grond. Iedereen zal dit wonder zien en begrijpen dat de hand van de HERE, de Heilige van Israël, het deed.
Njòttu Jesaja 41:19-20