Het kruis & COVID-19: Ontdek hoop deze Pasen

Dag 1 van 8 • Lezing van vandaag

Overdenking

Zo'n 2000 jaar geleden, op wat wij vandaag kennen als Palmzondag, liep Jezus in een triomfantelijke processie Jeruzalem binnen als de Koning Messias. Dit werd voorspeld in de Schrift (Psalm 118:25-26). De juichende menigte liep luid zingend Jeruzalem binnen. 


De stad had vele poorten. De poort die het dichtst bij de Olijfberg lag en waarlangs Jezus de stad inliep, was de Oostelijke of de Gouden Poort. Vandaag is deze dichtgemetseld en gesloten. De Joden verwachten nog steeds de komst van hun Messias (Ezechiël 44:1-3) en weigeren te geloven dat Hij er reeds doorheen gegaan is zo'n 2000 jaar geleden.


Uit een nabijgelegen dorp rekruteerde men voor de gelegenheid het veulen van een ezel, waar nog nooit iemand op gezeten had. Jezus stuurde twee van Zijn discipelen uit om de ezel op te halen (Marcus 11:2). Waar zouden die twee onderweg over gesproken hebben? Meestal, zoniet altijd, ging Jezus overal lopend naartoe. Waarom een ezel deze keer? Het werd geprofeteerd in Zacharia 9:9. Deze ezel werd het ongelofelijke voorrecht gegeven om Jezus op zijn rug te mogen dragen. Het is interessant te weten dat het haar op de rug van sommige soorten ezels de vorm van een kruis hebben. Zij zullen ons zeker doen denken aan deze nederige ezel die Jezus de heilige stad indroeg. Toen de discipelen de ezel losmaakten om door hun Meester gebruikt te worden, stelden zijn eigenaars vragen aan hen (Lucas 19:33). Toen zij antwoordden: "De Heer heeft hem nodig," lieten de dorpelingen de ezel gaan voor zijn heilige taak (Marcus 11:3-6).


De menigte was uitgelaten. Zo ook de discipelen. Zij zagen in Jezus misschien ook wel de krachtige politieke Messias die Zijn volk zou bevrijden van het ijzeren juk van de Romeinen. Ze hadden er niet bij stilgestaan dat Jezus geen politieke messias was maar de ware Messias die uit de hemel kwam om Zijn verloren volk te zoeken en te redden. Als zij hadden gemerkt dat Jezus in de stad niet naar het paleis ging maar naar de tempel, dan hadden ze misschien Zijn ware identiteit en missie begrepen.


Jezus "ging naar de tempel en bekeek daar alles" (Marcus 11:11, HTB). Hij zag het misbruik en de trouweloze praktijken in de voorhoven van de tempel en de volgende dag zou Hij er een gepaste reactie op geven. Maar nu ging Hij met Zijn discipelen terug naar Bethanië. Ze waren waarschijnlijk opgewonden van alles wat ze gezien hadden en keken uit naar heerlijke en grootse dingen. Ze beseften niet dat donkere wolken zich langzaam rond Jezus verzamelden.


Bespreking



  • Hoe wordt de manier waarop jij naar situaties in de wereld kijkt, beïnvloed door je te herinneren dat Jezus "de Messias is die uit de hemel kwam om Zijn verloren volk te zoeken en te redden"? Welke troost geeft dit jou?

  • Wij zijn de tempel van God (1 Korinthiërs 3:16; 6:19). Wat zou Jezus zien als Hij nu in je hart binnen zou komen? Zou Hij angst en zorgen zien? Of vertrouwen en afhankelijkheid van Hem? Laat Hem tot jou spreken en antwoord Hem in gebed.


Deel en bemoedig