1
MATTHEÜS 10:16
Statenvertaling Jongbloed-editie
SVV
Ziet, Ik zende u als schapen in het midden der wolven; zijt dan voorzichtig gelijk de slangen, en oprecht gelijk de duiven.
Võrdle
Avasta MATTHEÜS 10:16
2
MATTHEÜS 10:39
Die zijn ziel vindt, zal dezelve verliezen; en die zijn ziel zal verloren hebben om Mijnentwil, zal dezelve vinden.
Avasta MATTHEÜS 10:39
3
MATTHEÜS 10:28
En vreest u niet voor degenen, die het lichaam doden, en de ziel niet kunnen doden; maar vreest veel meer Hem, Die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel.
Avasta MATTHEÜS 10:28
4
MATTHEÜS 10:38
En die zijn kruis niet op zich neemt, en Mij navolgt, is Mijns niet waardig.
Avasta MATTHEÜS 10:38
5
MATTHEÜS 10:32-33
Een iegelijk dan, die Mij belijden zal voor de mensen, dien zal Ik ook belijden voor Mijn Vader, Die in de hemelen is. Maar zo wie Mij verloochend zal hebben voor de mensen, dien zal Ik ook verloochenen voor Mijn Vader, Die in de hemelen is.
Avasta MATTHEÜS 10:32-33
6
MATTHEÜS 10:8
Geneest de kranken; reinigt de melaatsen; wekt de doden op; werpt de duivelen uit. Gij hebt het om niet ontvangen, geeft het om niet.
Avasta MATTHEÜS 10:8
7
MATTHEÜS 10:31
Vreest dan niet; gij gaat vele musjes te boven.
Avasta MATTHEÜS 10:31
8
MATTHEÜS 10:34
Meent niet, dat Ik gekomen ben, om vrede te brengen op de aarde; Ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar het zwaard.
Avasta MATTHEÜS 10:34